|
Den Hartogh schreef in opdracht van het Rathenau-instituut een studie over de toekomst van de orgaandonatie. De studie is vandaag aangeboden aan de Tweede Kamer. Als geregistreerde orgaandonoren zelf bijvoorbeeld een nier van een ander nodig blijken te hebben, zouden ze een hogere plaats op de wachtlijst kunnen krijgen, zei Den Hartogh tijdens de presentatie van zijn rapport in Den Haag. Dit zou kunnen door de persoon extra bonuspunten te geven.
Mensen die geen orgaandonor willen zijn, moeten dus langer op hulp wachten, als ze zelf ziek worden en een transplantatie nodig hebben. Den Hartogh: "Die groep draagt dan de gevolgen van de eigen keuzes die zijn gemaakt." Hij vindt dit principe maatschappelijk aanvaardbaar. De ethicus tekent erbij aan dat mensen niet mogen sterven door de gevolgen van hun keuze.
Burgers die zich als orgaandonor laten registreren, zouden op hun aanmeldingsformulier volgens Den Hartogh ook moeten kunnen aangeven dat hun organen na hun dood in principe ten goede moeten komen aan burgers die zichzelf ook als donor hebben aangemeld. Hij vindt verder dat familieleden geen vetorecht moeten kunnen uitspreken over een orgaandonatie, als de overledene zichzelf als donor had aangemeld. Het komt nu regelmatig voor dat familieleden verbieden bij een overledene organen weg te nemen, hoewel die bij leven had aangegeven wel donor te willen zijn.
De Tweede Kamer buigt zich begin volgend jaar over de toekomst van de orgaandonatie. Vijf jaar geleden werd een wet ingevoerd die bepaalt dat burgers tijdens hun leven moeten aangeven of ze na hun dood hun organen willen afstaan. Een minderheid van de Nederlanders is daartoe inderdaad bereid.
[ Bron: Haagsche Courant 4-12-2003 ]
|